Dam tot Dam

Verbluft keek ik naar mijn email. De woorden van de mail knipoogden bemoedigend terug. “Beste Jennifer, Bedankt voor je inschrijving voor de 29e editie van de Dam tot Damloop. Je hebt gekozen voor het onderdeel: 10 mijl (16.1 km) trimloop”. Shit, wat heb ik nou weer gedaan?
Smoezen
Al sinds ik pogingen doe om harder te lopen dan strompelniveau, roep ik dat ik een keer de Dam tot Dam wil lopen. Tot nu toe is dat er nog niet van gekomen. De smoezen waren talloos. Blessures (die waren wel echt trouwens) en hardnekkige luiheid waren de hoofdmoot, en het feit dat je virtueel moet vechten voor je leven wil je als recreant zonder in je nek hijgend businessteam een startbewijs bemachtigen, hielp ook al niet mee.
Tot nu toe
In principe volgen mijn Dam tot Dam-aspiraties ieder jaar hetzelfde patroon. Roepen dat ik ooit eens mee wil lopen, totaal geen moeite doen voor een startbewijs, en dan in september chips etend en knarsetandend afstemmen op het hardlopende feestgedruis op tv die de Strijd om het Startbewijs wel de moeite waard hadden gevonden, terwijl ik jaloerse blikken werp richting de ranke Kenianen die, sierlijk als renpaarden, de afstand in zo’n drie kwartier afleggen terwijl ik op de momenten dat mijn mond eens leeg is onafgebroken hysterisch roep dat ik volgend jaar écht meedoe zonder ooit de daad bij het woord te voegen, waarbij ik in staat ben om mijn ontbrekende ruggengraat te maskeren met een harttransplantatie.
Faith is calling
Mijn onderbewuste plan was om dit stramien ook voor de 2013-editie te hanteren. Het lot besliste echter anders. Ineens kreeg ik een startbewijs in mijn allengs breder wordende schoot geworpen, waardoor ik nu geen keuze meer heb. Wie A zegt, moet ook B zeggen, tenslotte. Dus ben ik erbij, op 22 september. En niet alleen aanwezig, de bedoeling is dat ik de 16,1 kilometer zelfstandig afleg, zonder auto, brommer, rollator of scootmobiel. Gewoon, met de benenwagen, en als het even kan ook nog iets harder dan standje wandelen of strompelen.
App
Met behulp van een app van een gerenommeerd sportmerk wat ik niet bij naam zal noemen omdat het Asics is, heb ik een trainingsschema samengesteld, die mij zachtjes richting finish fluistert. Rustig aan, zo blessurevrij mogelijk, zonder al te Spartaanse intervaltrainingen die ervoor zorgen dat mijn hart binnen luttele minuten gekookt op mijn rug hangt, maar mij wel klaarstoomt voor een robbertje vleselijk kilometervreten binnen de gestelde tijdslimiet van twee uur.
Lopend of kruipend
De eerste vijf kilometer heb ik al in mijn benen, nog elf komma één erbij. Gelukkig heb ik nog bijna een half jaar de tijd om die erbij te proppen, maar dat gaat me lukken. Al moet ik mijn gebit vastzetten in het asfalt en mijzelf als een wurm over de finish slepen, vele uren nadat de laatste organisator is verdwenen.. uitlopen dan wel kruipen zal ik hem.
Lieve organisatoren, hang mijn medaille maar op een stil plekje in een boom, dan vind ik hem vanzelf wel. En nee, jullie hoeven jullie niet met loeiende sirenes het parcours af te rijden, op zoek naar een bewusteloos vrouwmens die met een dubbele longbloeding de berm bevuilt.




Vandaag heb ik de laatste hand (nou ja, oog) gelegd aan J.K. Rowlings “Een Goede Raad”, het boek dat volgens recensenten behoorlijk gruwelijk en obsceen zou zijn. Ik vermoed echter, dat de recensenten enige moeite hadden om heer Potter uit hun hoofd te bannen toen zij dit boek ter oog namen, want de geschiedschrijving over een oorlog tussen de bewoners van een slaperig Engels dorpje om een plekje in de gemeenteraad, ontbeert iedere vergelijking met enig Zwijnsteinperikel, wat in mijn optiek ook de bedoeling was van mevrouw Rowling.
In huize Jenni heerst grote verontwaardiging. Oudste krijgt het spel ”Call of Duty Black Ops II”, niet voor zijn elfde verjaardag. Uiteraard is hij daarin de enige, de heeele wereld heeft deel I al, maar hij, arme stakker die nooit wat krijgt, mag hem natuurlijk weer niet. Hij mokt en piept, totaal doof en blind voor het argument dat het spel de leeftijdsgrens “18+” heeft. Nu zijn wij in dit huis heel goed in het uitschakelen van zintuigen als het gaat om loze argumentatie, mokken en piepen, dus ik schakel op mijn beurt die van mij uit.


